Loont een thuisbatterij?

Bijgewerkt op

Een thuisbatterij verschuift stroom in de tijd: ze slaat op wat anders het net op ging, en geeft het terug wanneer je het nodig hebt. Of dat loont, hangt af van hoeveel je injecteert, van je contract, en van wat de batterij onderweg verliest.

Zelfconsumptie: de basisstrategie

Per kwartier kijkt de batterij naar je meter. Zou je injecteren, dan laadt ze. Zou je afnemen, dan ontlaadt ze. Zo gebruik je meer van je eigen zonnestroom, en die is meer waard dan de injectievergoeding.

overschot = max(0 ; productie − verbruik) → laadt de batterij, tot ze vol is tekort = max(0 ; verbruik − productie) → ontlaadt de batterij, tot haar minimum afname met batterij = tekort − wat de batterij levert injectie met batterij = overschot − wat de batterij opneemt
Afname zonder batterij
—
Afname met batterij
—
Injectie met batterij
—
Verlies in de batterij
—

Gemiddelde zomerdag (Synergrid RLP0N en SPP), per uur, met 90 % rendement heen en terug. De nacht gebruikt wat de batterij de vorige avond overhield. In de winter is er veel minder overschot: dan laadt een batterij zonder netladen weinig.

Laden in de daluren

In de winter produceren zonnepanelen weinig, en zonder panelen is er helemaal geen overschot. Een batterij kan dan van het net laden in de nachtperiode, als stroom goedkoper is, en overdag ontladen. Energieplatform Vlaanderen laat de batterij daarvoor enkel laden in kwartieren op het nachtregister, tot een doel dat je per seizoen kiest: in de zomer vult de zon de batterij zelf.

Loont dat? Enkel als het verschil tussen dag- en nachtprijs groter is dan wat onderweg verloren gaat. Met een enkelvoudig tarief is er geen verschil, en kost netladen je enkel het omzettingsverlies. Met een dynamisch contract zijn de goedkoopste kwartieren niet altijd 's nachts.

De maandpiek afvlakken

Het capaciteitstarief rekent je hoogste kwartier van de maand aan. Een batterij kan dat kwartier aftoppen door bij te springen zodra je afname boven een grens komt. Daarvoor moet er wel lading over zijn op het moment dat het nodig is: vaak 's avonds in de winter, net wanneer een batterij die enkel op zon laadt leeg is. Een reserve voor de piek kost dus zelfconsumptie.

Wat een batterij verliest

  • Omzettingsverlies: van wisselstroom naar gelijkstroom en terug. Een rendement van 90 % heen en terug betekent dat van 10 kWh die erin gaat, 9 kWh terugkomt.
  • Minimumlading: een batterij ontlaadt niet tot 0 %, om de cellen te sparen. Kijk naar de bruikbare capaciteit.
  • Standby: de elektronica verbruikt zelf continu een beetje, ook als de batterij niets doet.
  • Veroudering: de capaciteit neemt af met de jaren en het aantal cycli (de state of health). Bij 70 à 80 % van de oorspronkelijke capaciteit spreekt men van het einde van de levensduur.
  • Vermogen: een batterij laadt en ontlaadt niet sneller dan haar omvormer toelaat. Een kort, hoog verbruik haalt ze niet altijd volledig weg.

Een batterij moet op het net aangesloten mogen worden: zoek je model in de C10/26-lijst. Wat ze financieel oplevert, lees je in Terugverdientijd.

Probeer het op een heel jaar, per kwartier
Zonder account op een standaardprofiel, of met een account op je eigen meetdata.
Naar de snelle berekening

Zie ook: Wanneer zijn zonnepanelen rendabel?

Informatief, geen advies. Bij twijfel primeren de officiële tariefkaart van je leverancier en de publicaties van de VREG en je netbeheerder. Zie ook de disclaimer.